Prinsjesdag 2015

Inleiding
Zoals gebruikelijk heeft het kabinet vorige week dinsdag het Belastingplan 2016 gepresenteerd. Wij zullen u in dit nieuwsbericht op de hoogte brengen van de op stapel staande wijzigingen. Let op: alle wijzigingen zijn nog vastgelegd in een wetsvoorstel, er kunnen, en naar verwachting zullen er, nog wijzigingen optreden.

Lastenverlichting van 5 miljard
Het kabinet komt werkend Nederland tegemoet door de last op arbeid met 5 miljard te verlagen. Het kabinet verwacht op deze manier de werkgelegenheid te stimuleren en de koopkracht van werkend Nederland te verhogen.

Inkomstenbelasting
De tarieven in de inkomstenbelasting worden met ingang van 1 januari 2016 verlaagd:
Tarief 1e schijf wordt 36,55%.
Tarief 2e en 3e schijf wordt 40,15%. Daar komt nog eens bij dat de 3e schijf wordt verlengd naar € 66.421. Het toptarief van 52% is pas van toepassing bij een inkomen vanaf € 66.421.

Heffingskortingen
Het kabinet wil bij inkomens vanaf € 66.000 de algemene heffingskorting helemaal laten afnemen tot € 0.
De inkomensafhankelijke arbeidskorting wordt verhoogd met maximaal € 638 voor inkomens tussen de € 9.000 en € 50.000.
De inkomensafhankelijke combinatiekorting voor werknemers met jonge kinderen wordt verhoogd naar 6,159%. De maximale inkomensafhankelijke combinatiekorting wordt dan
€ 2.769 (in 2015: € 2.152).
De ouderenkorting wordt in 2016 eenmalig verhoogd met € 222.

Aanpassing van de vermogensrendementsheffing
Het kabinet heeft zich de kritiek van sparend Nederland aangetrokken. De vermogensrendementsheffing waarbij wordt uitgegaan van een rendement op de spaargelden van 4% is allang achterhaald. Per 1 januari 2017 wordt de belastingheffing in box 3 gewijzigd.

Het heffingsvrij vermogen wordt verhoogd van € 21.330 naar € 25.000. Dit betekent voor fiscale partners straks een heffingsvrij vermogen van € 50.000.

De rendementsheffing wordt echter een stuk ingewikkelder. Er wordt gekozen voor een systeem van schijven.
1. Over de eerste € 25.000 hoeft er geen rendementsheffing te worden betaald.
2. Bij een vermogen vanaf € 25.001 tot € 100.000 bedraagt de rendementsheffing 2,91%.
3. Bij een vermogen vanaf € 100.000 tot € 1.000.000 wordt de rendementsheffing 4,69%.
4. Bij een vermogen vanaf € 1.000.000 wordt de rendementsheffing 5,50%.

Schenkingsvrijstelling voor de eigen woning
De schenkingsvrijstelling voor de eigen woning wordt bijna verdubbeld van € 52.752 naar
€ 100.000. Let wel: deze wijziging gaat pas per 1 januari 2017 in!
De beperking dat de schenking wordt gedaan door een ouder aan zijn kind vervalt per die datum eveneens. De enige beperking die blijft is dat de begunstigde tussen de 18 jaar en 40 jaar moet zijn.
Er kan overigens in 2015 en 2016 al tot de grens van € 52.752 (€ 53.016 in 2016) geschonken worden. Dit bedrag wordt dan in mindering gebracht op een schenking vanaf 2017, zodat toch de maximale vrijstelling van € 100.000 benut kan worden, mits voldaan wordt aan de voorwaarden natuurlijk.

Aanmerkelijk belang en emigreren? Opgelet!
Direct ingaande maatregelen zorgen ervoor dat als aanmerkelijkbelanghouders emigreren de belastingdienst een conserverende aanslag kan opleggen. Een tijdsverloop van 10 jaar zorgt er niet meer voor dat deze aanslag wordt kwijtgescholden. Winstuitdelingen na emigratie leiden nu in alle gevallen tot belastingheffing of tot een evenredige intrekking van het uitstel van betaling voor de conserverende aanslag.

Samenvoeging innovatieregelingen RDA en S&O
De Research & Developmentaftrek (RDA) en de Speur- en Ontwikkelingswerk (S&O) worden samengevoegd tot één instrument met de naam WBSO.
In 2016 kunnen bedrijven voor R&D kosten (zowel voor loonkosten als voor andere kosten en uitgaven) fiscaal voordeel aanvragen via de WBSO. Voor loonkosten (nu WBSO) en overige R&D kosten en uitgaven gelden dan dezelfde voordeelpercentages. Het totale fiscale voordeel in de beschikking kunnen ondernemers vanaf 2016 via de loonheffing verrekenen in plaats van via de winstbelasting.
De categorieën werkzaamheden analyses van de technische haalbaarheid van speur- en ontwikkelingswerk én het uitvoeren van technisch onderzoek naar wijzigingen van de productiemethode (bij productieprocessen) of naar een aanpassing van processen (bij programmatuur) komen te vervallen.

Voorgenomen wijzigingen autobelastingen 2017 – 2020
Dit voorgenomen beleid heeft het kabinet kenbaar gemaakt in de Autobrief II. Het kabinet wil een vereenvoudiging van het stelsel van autobelastingen doorvoeren.

Het beleid op hoofdlijnen:
– Verlaging van de aanschafbelasting personenauto’s voor 2020 met in totaal 12%.
– Verlaging van de motorrijtuigenbelasting met 2% voor alle personenvoertuigen.
– Verhoging van de motorrijtuigenbelasting voor vervuilende dieselpersonenvoertuigen en diesel bestelauto’s.
– Vermindering van het aantal bijtellingscategorieën van 4 naar 2.
– Versterking van de fiscale stimulering van vol elektrische auto’s.
– Vermindering van de fiscale stimulering van plug-in hybride auto’s.

De Autobrief II is nog niet vertaald naar een wetsvoorstel. Naar verwachting zal de Wet uitwerking Autobrief II dit najaar nog worden ingediend.

Voorgestelde wijzigingen in ondernemersland
Onderstaand volgt een opsomming van voorgestelde wijzigingen in ondernemersland. Heeft u hier vragen over of wenst u meer informatie? Neemt contact met ons op, wij helpen u graag verder.

– 50 miljoen voor stimulering start up’s
– Beperking deelnemingsvrijstelling bij internationale mismatches
– Nieuwe substance eisen voor buitenlandse houdstervennootschappen
– Country-by-country reporting verplicht voor concerns met omzet > € 750 miljoen
– Masterfile en local file verplicht voor multinationals met omzet > € 50 miljoen
– Informatieverplichting eigen woning lening door eigen BV eenvoudiger

Geef een reactie

(veiligheidstest) *