Overgangsmaatregel voor mkb van de spoedreparatie fiscale eenheid

Twee maanden geleden hebben we al een artikel eraan gewijd: het arrest van 22 februari 2018, waarin het Europese Hof van Justitie het Nederlandse fiscale eenheidsregime strijdig acht met EU-recht. In april is hier het een en ander aan gewijzigd. Er is namelijk een overgangswetgeving gepresenteerd voor het mkb. Reden genoeg om hier nogmaals aandacht aan te schenken.

Laten we nog even het geheugen opfrissen. Volgens het Hof discrimineerde de Nederlandse wetgeving rond renteaftrek onrechtmatig tussen Nederlandse en buitenlandse dochterondernemingen, doordat binnenlandse ondernemingen rentelasten en renteopbrengsten intern mochten verrekenen, waardoor er minder belasting verschuldigd was. Het arrest moet deze discriminatie opheffen en heeft als gevolg dat een belastingvoordeel (aftrekrecht van rentelasten) voor een Nederlandse moeder- en dochteronderneming gevoegd in een fiscale eenheid komt te vervallen.

Staatssecretaris van Financiën, Menno Snel, kondigde als reactie op het arrest een spoedreparatie wetgeving aan, welke met terugwerkende kracht vanaf 25 oktober 2017 moet gaan gelden. Deze spoedwetgeving zorgt ervoor dat het hierboven beschreven belastingvoordeel voor binnenlandse ondernemingen komt te vervallen en dat ondernemingen mogelijkerwijs geconfronteerd worden met hogere administratieve lasten, fiscale lasten en bovenal rechtsonzekerheid wat betreft de belastingdruk.

In het bijzonder wordt het midden- en kleinbedrijf en middelgrote ondernemingen getroffen door de nadelige gevolgen van het gewezen arrest en de aangekondigde spoedwetgevingsmaatregelen. Deze bedrijven worden nu echter wat tegemoet gekomen. Op 20 april liet staatssecretaris Snel in een brief aan de Tweede Kamer namelijk weten dat er een overgangsmaatregel komt waarmee belastingplichtigen, met name het midden- en kleinbedrijf, de gelegenheid krijgen om binnen een tijdelijke overgangsperiode bepaalde gevolgen van de spoedreparatiemaatregelen te voorkomen. Met deze overgangsbepaling beoogt het kabinet dat de spoedreparatiemaatregel ten aanzien van de renteaftrekbeperking (artikel 10a Wet Vpb 1969) tot en met 31 december 2018 geen toepassing vindt. Wel moet er dan een bepaalde voorwaarden worden voldaan:

– Het moet gaan om een schuld die op 25 oktober 2017, 11.00 uur, bestaat en die rechtens dan wel in feite direct of indirect verschuldigd is aan een verbonden lichaam of verbonden natuurlijk persoon;
– De schuld dient rechtens dan wel in feite direct of indirect verband te houden met één van de in artikel 10a lid 1 Wet Vpb genoemde rechtshandelingen, die voor 25 oktober 2017, 11.00 uur, is verricht;
– Het bedrag van de renten op al die schulden samen mag zonder toepassing van artikel 10a lid 3 Wet Vpb 1969 per twaalf maanden €100.000 niet te boven gaan.

Door deze nieuwe maatregel ontstaat de gelegenheid om binnen de overgangsperiode ervoor te zorgen dat de groepsschuld verdwijnt. Wanneer de renten op de schulden tezamen het totaal van €100.000 overschrijden, vindt de toepassing van de renteaftrekbeperking op alle renten volledig plaats, als ware er geen fiscale eenheid. Dit betekent dat dit ook geldt voor de eerste €100.00 aan renten.

Lees hier ons vorige artikel over het arrest.

Geef een reactie

(veiligheidstest) *