Het gaat weer goed met ons, toch?

Column door Rob Kusters

Alle seinen staan op groen, alle indicatoren geven weer een positief beeld. We hebben de crisis overwonnen. Toch is de bekende econoom Mathijs Bouman in zijn column in het Financieele Dagblad terughoudender. Hij kijkt vooral naar de opname van krediet door het bedrijfsleven. Zijn statistieken zien er dan anders uit dan wat banken ons doen geloven. Met andere woorden; er wordt nog niet geïnvesteerd zoals het zou passen. Bouman kijkt met name naar de opname van kredieten in het MKB. Zijn waarneming komt overeen met de onze. Voor zover mij bekend, heeft niemand de regels voor kredietverlening door banken versoepeld. We zien ook helemaal geen toename van investeringen en kredietverlening.

Uit ING-kringen begrijp ik dat er voor kredieten tot € 250.000 een internetoplossing bestaat. Hier wil men geen mensen meer aan zetten. De computer geeft u antwoord op uw kredietvraag. De ING-organisatie is tot het minimaal menselijke afgeslankt. Een mens, die door een ING gebouw loopt, wordt als een besmet wezen gezien. “Oei, kijk daar verderop in de gang; een lopende kostenpost.” ABN AMRO en Rabobank volgen de trend.

Wat je echter wel ziet ontwikkelen binnen de bankenorganisaties is een onderscheid tussen sales en service. Niet helemaal nieuw, maar nu wel heel bewust als Leitmotiv ingezet. Ik voel hier wel iets bij. Een model dat best algemeen kan worden toegepast op dienstverlenende organisaties. Je hebt de mensen die met de neus in de wind staan, die het gezicht naar buiten zijn en die het product verkopen. Daarnaast heb je mensen die ervoor zorgen dat de klant ontzorgd wordt, dat hij of zij meer krijgt dan ze op voorhand verwachtten. Als je dat allemaal goed doet, ben je succesvol.

Dit is nog steeds niets nieuws. Maar hoe is het dan in jouw organisatie? Twee sporen, twee typen medewerkers? Hoe leg je dan de brug tussen deze groepen? Hoe zet je je HR-huis op voor allemaal samen? Moet je niet de beloningsstructuur van beide groepen anders inrichten? De servicemensen zijn de boeren, de salesmensen de jagers. Oh ja, dat is managementtaal uit de oude doos. Boeren moet je comfort en veiligheid bieden, jagers willen bonus…

Ja echt, ze komen weer terug die bonussen. Nu het goed gaat, is er buiten wat te verdienen en moet je de salesmensen weer activeren of naar je organisatie toe trekken met mooie beloften. Er worden alweer sollicitatiegesprekken gevoerd in de showroom van de autodealer. Als CEO kun je nu niet aankomen met verhalen van governance, internal control framework en regelgeving. Nee, je moet iets zeggen over de groei van de omzet, de groei van de marge en de groei van EBITDA. Double digit graag, want iedereen doet het op dit moment. De Nederlandse economie scoort momenteel het beste binnen de eurozone met 2% groei. Het contrast met de Chinezen is nog schril. Zij halen namelijk 6,7%. Echter hadden we enkele jaren geleden nog krimp, terwijl zij toen 12% groei hadden.

Tot slot nog even Limburg. Wat doen wij het goed, zeg. Na decennia ellende moeten we onszelf toch maar eens op de borst slaan. In alle staatjes staan we hoog, zo niet de beste. Een werkloosheid die lager ligt dan het landelijk gemiddelde heb ik nog nooit meegemaakt, maar is nu realiteit. Er zijn ontwikkelingen te zien op de huizenmarkt en de kantorenmarkt. Overal doen we op landelijk niveau mee. Net in het jaar dat het 150 jaar geleden is dat Limburg volledig deel is gaan uitmaken van de Nederlanden, schudden we eindelijk het minderwaardigheidscomplex van ons af. Tot 1867 maakte Limburg deel uit van de Duitse Bond. Ofschoon de Limburgers niets wilden weten van de Hollanders, met uitzondering van Maastricht en Venlo, werden ze wel bij de Nederlanden gevoegd en liet de toenmalige regering in Frankfurt ze gaan. Na 150 jaar kunnen jullie eindelijk trots op ons zijn.

Geef een reactie

(veiligheidstest) *