Masterplan Gezondheid

Mijn moeder is in Amsterdam geboren. Haar oma had in de wijk Watergraafsmeer een praktijk in alternatieve geneeskunde. Ze ontving patiënten uit heel Nederland en was succesvol. De reguliere medische wereld noemde haar een kwakzalver, zo is te lezen in publicaties uit de jaren ‘20 van de vorige eeuw (Maandblad voor Kwakzalverij). Haar eigen ontwikkelde wonderzalf zou geen werkzame bestanddelen bevatten. Ze heeft haar recepturen verkocht aan het eveneens Amsterdamse Jacob Hooy, dat nog steeds bestaat.   

 

Ze zijn toch doorgegaan, die alternatieven. In de overtuiging dat ze iets toevoegen aan de bestaande medische wetenschap. Inmiddels hebben velen van hen de status van paramedici. Ik heb eens wat gespeurd naar deze definitie. Para kan de betekenis hebben van tegen, denk aan paraplu of parasol. Maar het kan ook betekenen “in samenhang met”. Het meest gangbaar is de definitie dat paramedici geen arts zijn, maar wel medische behandelingen verrichten. Een stapje lager dan echte artsen? Veel mensen varen wel bij de paramedicus. Waarom moeten zorgverzekeraars zo op de rem trappen ten aanzien van het aantal fysiotherapeutische behandelingen die ze vergoeden? Mensen vinden de aandacht fijn, maar zeker ook de aanraking. De huisarts heeft 5 minuten tijd voor je, de fysiotherapeut tenminste een half uur.    

 

Maar waar zijn de paramedici in het coronadebat? De virologen, de immunologen, de epidemiologen, de intensivisten, zij voeren de boventoon. Zij zijn de autoriteit, zo laten ons de politiek en de media steeds maar weer weten. Paramedici zijn niet opgenomen in het OMT. Het wordt tijd een voor een drastische verschuiving van genezing naar preventie. Eind 2018 is de overheid voorzichtig in actie gekomen met het Nationaal Preventieakkoord. Doelstellingen voor het terugdringen van roken, alcoholgebruik en obesitas met als horizon 2040. Daaruit blijkt niet veel urgentie. Wel wordt beweerd dat het belangrijk gevonden wordt om de algehele gezondheid van de mensen te verbeteren. In de media die ik raadpleeg zie ik geen enkele verwijzing vanuit het coronadebat naar dit preventieakkoord. Het lijkt alweer vergeten te zijn.   

 

Misschien is het een economisch vraagstuk. We hebben aan de achterkant, bij de ziektebestrijding, een financieringsmodel gebouwd. We betalen zorgpremie, eigen risico en een eigen bijdrage voor sommige behandelingen, afhankelijk van de soort verzekering. De overheid past fors bij uit de belastingmiddelen. Daardoor lijkt het voor de gebruikers van medische diensten vrijwel gratis. In ieder geval is het collectief. Slechts in geringe mate worden grootverbruikers zwaarder belast. Er wordt geen relatie gelegd tussen de leefstijl en de eigen bijdrage. De overheid verdedigt zich met de heffing van accijns op tabak en alcohol, maar heft geen accijns op ongezonde voedingsmiddelen. Het blijft daarmee aantrekkelijk om goedkope boodschappen te doen. Calorierijk voedsel, veel koolhydraten, dat vult de maag en is goedkoop te verkrijgen. Gezonde producten zijn vaak heel duur. Ga maar eens boodschappen doen in een speciaalzaak. Bovendien moet je ook je smaken gaan aanpassen. Zout minderen is lastig als je er erg aan gewend bent geraakt, hetzelfde geldt voor suiker.   

 

Vergeet ook niet de effecten van stress op de gezondheid, beweging, hygiëne. Bij de laatste moest ik nog denken aan de huisvrouwen in de jaren ’50 (die bestonden toen nog) die geleerd kregen vanuit overheidsorganisaties hoe ze moesten omgaan met hygiëne. In veel huizen in onze supermoderne wereld wil je nu niet van de grond eten. Hygiëne is verdrongen door de honger naar welvaart. Drie keer per dag een gezonde maaltijd is vervangen door eten wanneer we zin en tijd hebben. Enkele toetsaanslagen op je telefoon en de bezorger is al onderweg. Ik dacht ook aan de melk die we op school kregen, de zwemlessen en de schooltandarts. Wie heeft dat allemaal afgeschaft?  

 

Ik pleit voor een masterplan waarin gezondheid centraal staat. Een plan vanuit alle maatschappelijke belanghebbenden. Uiteraard is de overheid de aangewezen regisseur. Met elkaar moeten we doelstellingen formuleren en een tijdpad bepalen. Als we het geld dat we nu aan coronaeffecten uitgeven beschikbaar stellen voor het masterplan hebben we een megabudget en kunnen we heel veel doen. In het beperkte verslag van de informateur zie ik geen lichtpunten. Het is geen formatiethema. Gek toch, het raakt ons allemaal, we ervaren ernstige gevolgen van ongezond leven en het beperkte politieke aandacht. Centraal aangestuurde samenlevingen verslaan ons op dat punt. Mensen zijn daarin ook gehoorzamer aan de overheid. En kennelijk heeft de overheid het beter voor met de mensen. Ongezond leven is vooral een kwaal van democratieën. Waarschijnlijk komt de urgentie pas zodra we meer zorgkosten hebben dan belastinginkomsten. De wal keert het schip.      

 

Geef een reactie

(veiligheidstest) *